Printed from chabadamsterdamsouth.com

Columns

Geven is nemen

In een onderzoek van het CBS, dat deze week verscheen met als title Geluk en persoonlijkheid viel het op dat mensen, die naast hun reguliere baan ook aan vrijwilligerswerk doen, gelukkiger zijn dan mensen die uitsluitend met hun eigen toko bezig zijn. Een conclusie die in lijn is met de parasja van deze week. In de parasja lezen we iedere week over een volgende stap die het joodse volk moest nemen om zich te ontwikkelen tot een volwassen samenleving. In de vorige weken hebben we gelezen over de primaire levensbehoeften die het joodse volk nodig had en waarin ook werd voorzien. Bijvoorbeeld: bevrijding van de slavernij, splitsing van de zee, de Tien Geboden, het hemelse brood. Toch had dit ook een ongewenste bijwerking. Het Joodse volk ontwikkelde een soort ondankbaarheid en bleef maar klagen. Alles kwam immers van Boven en zelf hoefde ze er niets voor te doen. Deze week echter lezen we over Teroema-geven. Het Joodse volk krijgt niet alleen te horen dat ze een Tempel moeten gaan bouwen, maar vooral ook dat iedereen daaraan moet bijdragen. Het Joodse volk wordt verteld dat indien zij willen dat dit ‘maatschappelijke experiment’ – de totstandkoming van het Joodse volk – zal slagen, het essentieel is dat zij niet enkel ontvangen maar juist ook geven. Dat deze boodschap de insteek is van de parasja zien we ook als we de Hebreeuwse tekst vertalen. De tekst luidt (Exodus 25:2): Vajikchoe lie teroema– Neem voor mij een gift. Er wordt bedoeld dat het joodse volk moet geven, maar er staat nemen. Maar dit is nu exact de essentie van deze boodschap. Geven is nemen. G-d vertelt het volk dat de gever niet alleen een gever is, maar ook een ontvanger. En de ontvanger is niet alleen ontvanger, maar ook gever. Terugkoppelend naar het hedendaagse. Ook een moderne maatschappij staat of valt op bereidheid om te geven aan de omgeving. Of het nou gaat om vrijwilligerswerk, financiële ondersteuning van goede doelen of het delen van kennis en liefde. Het zijn deze componenten die essentieel zijn voor een samenleving waar mensen gelukkig willen en kunnen zijn. Het is de gever die ontvangt en het is de ontvanger die geeft. De Parasja, afdeling in de Torah die wereldwijd in de synagogen wordt gelezen, is deze week: Teroema – Exodus 25:1 t/m 27:19. Sjabbat begint 28 feb om 17:55 uur en eindigt op 29 feb om 19:07 uur. 'De Parasja met Yanki Jacobs' is een wekelijkse column op de website: joods.nl

Slavernij - De parasja met Yanki Jacobs

Wanneer we kleding, een smartphone of andere gadgets aanschaffen is er een redelijke kans dat de werk- en leefomstandigheden van het personeel dat deze producten heeft gefabriceerd, mensonterend waren. Hoewel slavernij in ons moderne tijdperk formeel verboden is, kunnen we niet ontkennen dat er wereldwijd nog steeds sprake is van verschillende vormen van slavernij en mensenhandel. De eerste mitswa (gebod) heeft betrekking op het houden van slaven. Er staat onder meer dat een slaveneigenaar de slaaf na zes jaar moet vrijlaten, dat hij de slaaf niet mag slaan en indien er toch lichamelijk letsel als gevolg daarvan ontstaat dat de slaaf vrijuit gaat, de dochters van slaven bij het bereiken van hun puberleeftijd vrijgelaten moeten worden en dat de slaven niet mogen worden misbruikt als lustobjecten. Kortom: Verschillende regels die de het leven van deze slaven moesten vergemakkelijken. In een tijdperk waarin tussen de dertig en vijftig procent van de wereldbevolking slaaf was en daar ook naar werd behandeld gaf de Tora deze slaven de eerste rechten. De 15e-eeuwse geleerde rabbi Yitschak Abarbanel geeft aan dat het jodendom iedere vorm van slavernij verbiedt en dat deze minimale rechten alleen van toepassing zijn voor het worstcasescenario wanneer iemand geen gehoor wilde geven aan de morele norm. De kern van de joodse religie behoort het bewustzijn te zijn van normen en waarden. In de Misjna (Avot 1:18) wordt gebracht dat de wereld op drie pilaren steunt: Op het recht, op de waarheid en op de vrede. Rechtspraak: In het geval van een conflict moet er een onafhankelijke rechtspreker zijn die duidelijk maakt wie wel en wie niet gelijk heeft. Bij het ontbreken daarvan ontstaat er anarchie met als gevolg de wet van de jungle, survival of the fittest. Waarheid: Bij het ontbreken daarvan, denk aan fake news, is er geen vertrouwen en als er geen vertrouwen is dan wordt het verbinden en het verbonden voelen met/tot de medemens onmogelijk. Vrede: Vrede is belangrijk opdat we niet ten onder gaan aan conflict en oorlog met onvoorstelbaar lijden en verdriet als gevolg. Tegen het einde van de Parasja (Exodus 23:7) staat: Houd afstand van de leugen. Daarmee geeft de Tora aan dat het niet alleen verboden is om zelf onrechtvaardig te zijn, maar dat men ook een morele plicht heeft om verre te blijven van elke vorm van onrechtvaardigheid, bedrog en valsheid. Sjabbat sjalom, De Parasja, afdeling in de Torah die wereldwijd in de synagogen wordt gelezen, is deze week: Misjpatiem – Exodus 21:1 t/m 24:18. Sjabbat begint 21 feb om 17:40 uur en eindigt op 22 feb om 18:55 uur.

Jaloezie

Jaloezie is een gevoel waar we allemaal tegenaan lopen en waar we niet aan kunnen ontkomen. De laatste van de Tien Geboden, die wij deze week in de parasja lezen, is het verbod op jaloezie. Jaloezie is de bron van alle ellende. Of het nou gaat om stelen, moorden of verkrachten: de bron van al dit kwaad is bijna altijd jaloezie. Jaloezie heeft een verwoestende werking. Door de Tien Geboden, het allereerste universele normen-en-waardenstelsel, af te sluiten met het verbod op jaloersheid benadrukt ook de Tora dat jaloezie de kern is van alle problemen die zich op het intermenselijk vlak kunnen voordoen (Avot 4:21). Tegelijkertijd vertelt de Talmoed (Bava Basra 21b) dat jaloezie positieve kanten heeft. Jaloersheid is namelijk de drijfveer van de maatschappij ook omdat het juist de gezonde concurrentie is, waardoor de wetenschap zich kon en kan ontwikkelen. Is jaloezie dus positief of negatief? Het antwoord daarop is allebei. Het positieve aspect van jaloezie is dat door het herkennen van kwaliteiten die de ander wel heeft, maar jij niet, dat je ernaar gaat streven om ook zijn kwaliteiten tot de jouwe te maken. De negatieve kant van jaloezie is wanneer wij “de ander” proberen te zijn en als het ware voor onszelf geen oog meer hebben. De reden waarom dit niet alleen zinloos maar ook schadelijk is, is omdat we daarmee onze unieke persoonlijkheid en rol negeren. Het Jodendom ziet de persoon niet slechts als onderdeel van een collectief geheel maar juist als apart individu. Zo staat er in de Pirke Avot (Spreuken der Vaderen) dat diegene die één mensenleven redt wordt beschouwd alsof hij de hele wereld gered heeft. Dit zijn niet alleen mooi en poëtisch klinkende woorden maar hebben ook een praktisch gevolg: Indien wij voor het dilemma zouden staan om één persoon te doden en daarmee honderd mensen te redden dan is het niet toegestaan om hem te doden. Het Joodse gedachtegoed is de mening toegedaan dat ieder individu – als individu – belangrijk is en dat honderd mensen niet meer waard zijn dan één persoon. Negatieve gevoelens van jaloezie zijn onterecht omdat ieder persoon uniek is en over specifieke kwaliteiten bezit. Wij samen, juist omdat wij van elkaar verschillen, hebben de mogelijkheid om de wereld tot een betere plek te maken. 'De Parasja met Yanki Jacobs' is een wekelijkse column op de website: joods.nl

Kunstmatige intelligentie

Kijkers van het televisieprogramma DWDD Heimwee werden deze week getrakteerd op een interview met de Israëlische historicus en auteur Yuval Noam Harari. Deze uiterst fascinerende man vertelde hoe hij in gesprekken met wereldleiders merkte dat zij geen idee hebben hoe de arbeidsmarkt er over dertig jaar uit gaat zien. Door de opkomst van kunstmatige intelligentie is het onmogelijk om te voorspellen welke vaardigheden onze kinderen in hun volwassen leven nodig zullen hebben. Daarom was zijn advies om een jonge generatie vooral te onderwijzen hoe zij in een veranderende wereld zich continu kunnen blijven aanpassen en herontwikkelen. Het tweede boek van de Tora, Exodus, omschrijft niet alleen de reis die het Joodse volk maakte in de woestijn, maar ook en vooral de ontwikkeling die het Joodse volk moest ondergaan om de slavernijmentaliteit in te ruilen voor het doen en denken dat behoort bij een soeverein volk. In de Parasja van deze week (Exodus 13:17 -17:16) worden drie stadia genoemd die dit ontwikkelingsproces nodig heeft. De Parasja begint te vertellen dat er Joden waren die weigerden om Egypte te verlaten. Ze werden daar weliswaar onderdrukt, verkracht en uitgemoord, maar de onzekere toekomst van een vrij en onafhankelijk bestaan was voor hen beangstigender. Deze Joden moesten daarom weggestuurd worden. Vandaar ook de naam van deze Parasja: Besjalach-“wegsturen”. In de volgende ontwikkelingsfase zat het Joodse volk bekneld tussen de Rode Zee aan de ene kant en het Egyptisch leger aan de andere kant. Ze moesten een keuze maken: de strijd aan gaan met het Egyptische leger of vertrouwden op G-d om voor hen het gevecht te voeren. Ze kozen voor G-d, volgde Zijn richting, liepen de zee in en de zee splitste zich. In de derde en laatste etappe zijn het de Amalekieten die slechts gedreven door pure Jodenhaat, het Joodse volk aanvielen. Maar ditmaal zien we een verandering in de reactie. De Joden klaagden niet, ze sloegen ook niet op de vlucht maar durfden de confrontatie aan te gaan. Ze waren bereid om voor zichzelf op te komen. Ze voerden oorlog en ze wonnen. De Tora doet niet zozeer aan geschiedschrijving, maar is vooral een handleiding voor de trektocht door het leven. Net als Yuval Harari vertelt ook de Tora ons dat het geheim van een producerende en vrije maatschappij, en dus ook van iedere persoon, is: de mogelijkheid om zich te kunnen blijven ontwikkelen en herontwikkelen. We begonnen de Parasja immers met een Joods volk dat zich vastklampte aan het verleden, hoe verschrikkelijk dat verleden ook was. Maar tegen het eind van de Parasja heeft het volk een metamorfose ondergaan: het durft voor zichzelf op te komen en de confrontatie aan te gaan met hun onzekere toekomst. Het is deze houding die hen uiteindelijk in staat stelt om zich te vestigen in het door G-d aan hen beloofde land.
Looking for older posts? See the sidebar for the Archive.